Vlinders (korte brief)

Lieve mam,

Heb vanavond een aantal van je vlinderfoto’s van je naam voorzien, zodat ik er ansichten van kan maken. Ga ze trouw versturen bij verjaardagen, zodat je naam blijft circuleren.

Probeer aan te sluiten bij jouw kleurgebruik: een foto met veel groen krijgt jouw naam in donkergroen; een foto met een okergele vlinder krijgt jouw naam in okergeel. Ik gebruik een ander grafisch programma dan jij, want met Gimp kan ik niet overweg. Zo kan ik, behalve met je e-mail nog even met je nalatenschapje bezig blijven, want dat is het enige wat ik nog wil.

Lettertype

Ik zet je naam er wel veel groter op dan jij zou doen, omdat ik wil dat je naam leesbaar blijft, ook op het A6-formaat van een ansichtkaart. Jij hield daar geen rekening mee, keek alleen naar je beeldscherm. Ik weet zeker dat je het mooi zou vinden; ik heb een zwierige schrijfletter gekozen. Bijna zo mooi als jouw onderwijzeressenhandschrift. Het heet ‘Shell’ en zal ook wel in Gimp zitten. Jij gebruikte waarschijnlijk het standaardlettertype in de standaardgrootte. Je had geen idee dat je bij een hogere resolutie van de afbeelding ook een groter lettertype moest kiezen.

Binnenkort langs de fotowinkel om wat afdrukken te maken. Dat heb ik nog nooit eerder gedaan, maar jij kon het ook. Zolang ik leef, ga ik ze versturen. Alleen zo kan ik je uit de vergetelheid houden.

Tot later mam,

Tuur

PS: In de laatste maanden voor je dood tot aan de hospice heb ik verstek laten gaan. Daarmee kan ik inmiddels wel een beetje leven, al zie ik de rechtvaardiging er niet meer van in. Waarom ik steeds weer moet huilen, is dat ik geen afscheid van je heb durven nemen. Omdat ik niet mocht laten merken dat je dood zou gaan. Maar zelf voelde je het al driekwart jaar aankomen. Je praatte er alleen niet over, maar huilde erom. Waarom heb ik in de hospice niet gewoon gezegd: ‘Mag ik je omhelzen mam? Misschien kan het niet meer zo vaak.’ Misschien was je bij een knuffel en een zoen alsnog gaan praten door de nabijheid. In plaats daarvan reageerde ik niet op jouw opmerking dat je niet snapte waarom je je niet beter ging voelen. Je kreeg immers medicijnen; een verpleegkundige kwam bij je kijken; je was in veilige handen. Ik gaf je een snoepje; dat vond je genoeg. Waarom heb ik niets gedaan, maar me gevoegd naar jouw naïeve: kop-in-het-zand?