Lieve mam,
Volgens mij gaat het niet goed met mij, zeker niet beter dan drie maanden terug, toen je net overleden was. Als ik niet lees, aan je schrijf of op bed lig en probeer te slapen, huil ik. Na één of twee hoofdstukken moet ik mijn boek onderbreken om een brief aan jou te gaan corrigeren of iets aan je te schrijven, zoals nu. Anders heb ik het gevoel dat ik je te lang alleen laat.
Jouw schrijven is sowieso het enige dat me troost. Ik weet niet of het ‘normaal’ is om zo met je bezig te zijn of gewoon mijn eigen manier van verwerking.
Te weinig gedronken
Vannacht realiseerde ik me dat ik de hele dag, maar één enkele kop koffie had gedronken. Dorst had ik niet, maar ben voor de zekerheid wel wat water gaan drinken. Ook eet ik meestal nog maar één keer per dag, hoewel ik niet het idee heb dat ik snel afval. Een goede weegschaal heb ik niet, dus zal ik het aan mijn broeken moeten voelen. Omdat ik momenteel altijd een legging aanheb, weet ik niet hoe het ervoor staat. Me maandag maar even wegen bij de dokter.
Ik heb daar een afspraak met de praktijkondersteuner van de huisarts om te bespreken of ik hulp kan krijgen bij mijn rouwverwerking. Anders misschien via een vrijwilliger van Humanitas. Schrijven helpt wel, want het leidt tijdelijk af, maar het is niet genoeg. Toen Benno stierf, bleek de oplossing te zijn: afleiding zoeken, onder de mensen komen en een liefde vinden. Een wonder van liefde verwacht ik niet nog eens. En dan nog: ik kan het je niet eens vertellen, laat staan haar aan je voorstellen, zoals ik met Lia heb gedaan.
Eigen regie
Theo heeft met zijn euthanasieverzoek het leven tot het einde in eigen hand gehouden. Ik heb daar veel bewondering voor. Het leven in eigen hand nemen, dat kan altijd nog, ook zonder mezelf uit te laten en me onder de mensen te begeven. Stoppen met eten en drinken, zoals ik bij Bert heb gezien, is een optie. Dan kan ik rustig mijn financiën afwikkelen, zorgen dat mijn huis ontruimd wordt en afscheid nemen van iedereen die ik een warm hart toedraag. Waarschijnlijk komt het niet zover, maar het is een geruststellende gedachte.
Tot later mam,
Tuur
Dacht ik, zoals vaker, niets te schrijven te hebben, maar dan toch. Ga ik nu weer een hoofdstukje lezen. Vlak voor het slapen gaan, ook nog een brief gecorrigeerd. Het voelt als een afscheidszoen voor je deur aan de Wulpstraat. Hoef ik straks in bed misschien niet te huilen.