Lieve mam,
Het was zo’n mooie 1 oktoberdag. Een dag waarop ik normaal gesproken naar Bert in Woudenberg zou zijn gefietst voor koffie en een stroopwafel. Zelfs mijn gezicht is een beetje verbrand.
Het is zo leeg zonder Bert, Theo en jou. Het is dat Tony mijn nieuwe fietsmaatje is, dat scheelt iets. Voor het eerst begrijp ik waarom Paula heeft gedaan, wat ze heeft gedaan toen je broer overleed. Op haar manier zou ik me niet aan mezelf vergrijpen, maar ik begrijp nu de absolute leegte en de wanhoop die ze heeft gevoeld. Ik leef nu drie maanden na je dood en het gaat niet beter. Ik huil nog evenveel en elke dag, ondanks de meer dan honderd brieven die ik aan je geschreven heb en de afleiding die dat geeft. Als ik geen nieuwe zin in het leven vind, zo je wilt een levensdoel, het gevoel van betekenis te zijn voor iemand, zoals ik dat vanzelfsprekend voor jou was, dan ga ik geen jaren meer volmaken.
In beweging komen
Ik weet dat ik mezelf in beweging moet brengen. Ik heb concerten in de agenda gezet, en daar zal ik nieuwe mensen moeten tegenkomen die me inspireren. Dat is de afgelopen jaren niet gelukt. Vrienden maken, lukt me al lang niet meer, er vallen alleen mensen af. Gesprekken met bijvoorbeeld de praktijkondersteuner van de huisarts, een vrijwilliger van Humanitas of psycholoog zijn, zo bezien, niet genoeg.
Ik weet nog steeds niet hoe het verder moet, mam.
Liefs,
Tuur