Hoe gaat het? (brief aan mijn moeder)

Lieve mam,

Na drie maanden stond Arjan voor de deur. Hij had bier meegenomen en ik heb hem te eten gegeven. Bijna als vanouds. Hij vroeg net als twee dagen na je dood: ‘Hoe gaat het?’ Ik heb laten weten dat een belachelijke vraag te vinden van iemand die weet dat jij kortgeleden overleden bent. En waarom hij als sociaal werker geen betere vragen in petto heeft als: ‘Hoe gaat het vandaag?’ of: ‘Hoe voel je je vandaag?’

Hij leek verrast en ik moest huilen, terwijl ik met mijn vuist op het aanrecht sloeg. Hij leek het te begrijpen en zich schuldig te voelen. Heb ik me ook maar verontschuldigd voor mijn overspannen reactie en verzoend, want ik kan niet al mijn vrienden verspelen en zeker nu niet. Heb hem ook uit de telefoonblokkade gehaald. Door uit te leggen dat hij voortdurend een ingesprektoon kreeg, heb ik hem impliciet een gunst verleend.

Liefdesverdriet
Uiteindelijk heb ik de analogie uitgelegd met het tomeloze liefdesverdriet dat ik voel. Verdriet dat veel verder gaat dan rouw, omdat het nooit meer goed komt. Ook daarin leek hij zich te kunnen verplaatsen. Wat ik niet kan begrijpen, is dat de compassie en het begrip niet eerder zijn gekomen, maar het leek er bij binnenkomst toch vooral op dat hij er niet op had gerekend dat ik zwaar aan jouw dood tilde. Pas toen ik begon te huilen, drong het tot Arjan door, leek het wel.

Geen rouwkaart
Mijn aanvankelijke inschatting dat hij geen rouwkaart hoefde te hebben, omdat het hem ‘geen reet interesseerde’, bleek triest genoeg, de juiste. Hij projecteerde het verlies van zijn ouders en hoe hij daarmee omging, blijkbaar op mij. Maar wie weet, misschien toch ten halve gekeerd, dan ten hele gedwaald in zijn geval. Heb ook maar gewaarschuwd dat dit huilen voorlopig nog niet afgelopen is, waarin de impliciete boodschap zit dat hij beter weg kan blijven als hij daar niet tegen kan.

Enig kind
Ik wacht het maar af, heb gevraagd me weer eens naar Duitsland mee te nemen: misschien dat enige afstand tot Utrecht me verder helpt. Ik heb me verzoenend opgesteld; bij leven en welzijn heb ik nog genoeg tijd om mijn laatste vrienden te verspelen. Mijn halfbroers en halfzussen staan al bij het grofvuil. Eindelijk enig kind te mogen zijn, is een hele opluchting.

Onbereikbaar
Nadat Arjo vertrok, heb ik toch weer hartstochtelijk gehuild. Nog steeds geen idee hoe ik verder moet zonder jou. Filmpjes kijken waarop onbezorgd babbelt, of niet, maar in elk geval, zoals ik je ken, maken me aan het huilen. Je lijkt dichtbij, maar bent onbereikbaar ver weg en het enige wat ik dan nog wil is: bij je zijn. Ik weet dat dat een finale keuze vraagt, waaraan ik hopelijk niet toekom. Je hebt mij ook je liefde niet gegeven om me in wanhoop achter te laten. Alleen al om je in ere te houden, voel ik me verplicht iets van het laatste deel van mijn leven te maken, al hoop ik op dit moment dat het nog maar kort zal zijn.

Leonard Cohen
Terwijl ik dit schrijf, luister ik voor het eerst zonder tegenzin muziek: mooie Duitse luisterliedjes en de laatste plaat van Leonard Cohen. Hij wist toen al dat hij ging sterven en de teksten waren donker en beladen van afscheid. Heel toepasselijk. Ik begrijp nu voor het eerst wat stemmingswisselingen zijn, maar de onderstroom blijft radeloosheid. Ik kan me niet voorstellen dat dat ooit nog overgaat.

Veel liefs,

Tuur

PS: Langzamerhand begint het me te dagen dat je alleen met je jongste zoon Robert, een min of meer normale relatie had en geen moederskindjesrelatie, zoals met mij of een misbruikrelatie, zoals met je dochters. Hij accepteerde wat hij van je kreeg en nam daar genoegen mee. Niet meer en niet minder. Hij richtte zijn verwijten op mij, maar dat heb ik al eerder opgeschreven

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *