Bij Clara (brief aan mijn moeder)

Lieve mam,

Aan Clara gevraagd of zij wist wat je mooiste herinnering was. Zij dacht de ontmoeting met Bert aan het vennetje bij vliegveld Hilversum. Hij met pilotenpakkie aan en jij diep onder de indruk van zíjn donkere krullen en witte tanden. Ik denk dat Clara gelijk heeft. Ze zei ook nog dat je op de kweekschool veel vriendinnen had. Waarom later dan niet meer?

En Clara herinnerde me nog aan iets wat ik in de verte ook wel wist, namelijk dat de meerdaagse uitstapjes met je jongste dochter steevast na een dag eindigden in chagrijn van haar kant. Je bleef op haar voorstellen ingaan om haar te plezieren, maar je vertelde me eens dat je niet meer met haar in één slaapkamer wilde liggen. De reden ben ik vergeten, wat ik weet is dat ze een dijk van een ochtendhumeur had.

Spoken in huis
Je zal wel te veel hebben liggen draaien in bed, of lopen spoken, midden in de nacht, wat je in je eigen huisje ook deed. Of snurken misschien. In Charléne’s ogen kon je toch nooit iets goed doen. Je probeerde het altijd weer, tegen beter weten in. De verwijten bleven komen: je kwam niet vaak genoeg langs en weigerde toe te geven dat ze ongewenst kind was. Ik ben benieuwd wat ik nog meer in je e-mail vind, straks.

="Corry

 

 

 

 

 

 

 

Op de pont naar Culemborg heb ik ongeveer op je plekje gestaan waar jij in de vroege zomer van 2018 stond met camera in je hand, tegen de achtergrond van het motorblok. Een mooie foto, waarop je nog onbezorgd kon lachen. Ze waren alles nu lichtblauw aan het verven. Alleen de railing was nog donkerblauw, zoals in 2018. Op de heenweg was het lastiger jouw voetstappen te vinden, omdat we de verkeerde kant op voeren. Op weg terug naar Schalkwijk, tegen de achtergrond van Culemborg, voelde ik je dichterbij. Tegen de slagboom aan kun je niet gestaan hebben, anders had de foto niet kunnen worden gemaakt. Ik heb ongeveer daar gestaan waar jij stond. Tussen andere fietsers die zich vast afvroegen wat ik kwam doen. Hun verstoorde gezichten drukten iets uit van: ‘Blijf bij je eigen fiets, man. Of ik heb het me maar verbeeld, omdat ik zo graag dicht bij jou wilde zijn.

Jeugdherberg
Zit nu bij de jeugdherberg Bunnik, omdat ik vanaf Clara de groene route genomen heb, na Schalkwijk langs ’t Goy, buitenom langs Houten, richting Bunnik en langs Amelisweerd. Ik fiets daar altijd graag. Het is een fruitgebied en het gaat ook richting Maurik waar Erik woont die jou de ‘big hug’ gaf die je bijbleef.

De bestelde mosselen zouden een feestmaal zijn, als ik niet zo bedroefd was. Ik huil ze nog zouter dan ze al zijn, maar ze smaken goed mam. Ik sluit af met een Flat-white, zijnde een Cappuchino op dubbele sterkte en een cognacje, hoewel ik liefst zou willen huilen tot je weer terugkomt. Ook maar tegen Clara gezegd dat ik me eenzaam voel, niet gesteund door partner of kinderen. Gedeelde smart is halve smart, immers. Zij is Cees kwijt en ze maakt zich zorgen over Claartje die ziek is.

Tor later mam, anders worden mijn mosselen koud.

Tuur

PS: Een man met bromfietshelm op, klopte me ten afscheid op mijn schouder. Ik kende hem niet, maar hij had blijkbaar mijn tranen gezien. Medeleven geeft een beetje moed.