Mama als chaoot en hobbyfotograaf (brief)

 

Lieve mam,

Vandaag de laatste voorselectie van je foto’s gemaakt. Van de 150.000 die op je laptop, usb-sticks en een back-upschijf stonden, zijn er nog 10.000 overgebleven: familiefoto’s, landschapjes en veel vlinders. Ik moet ze nog over mapjes verdelen. Die dan naar je zus en je vier kinderen kunnen.

Tot zover was het weken werk, maar het is troostend om met jou en je nalatenschap bezig te zijn. Ik vrees de dag dat ik je definitief moet loslaten, mam.

Monnikenwerk
Je had van je laptop een enorme puinhoop gemaakt: van sommige foto’s had je wel vijftig kopieën gemaakt onder verschillende namen en veel foto’s had je verprutst door er digitale lijstjes omheen te doen en ze eindeloos te bewerken en te vervagen. Wat een monnikenwerk moet dat geweest zijn. Het ziet er voor mij uit als een soort bezigheidstherapie, als medicijn tegen verveling. Je had een geweldig oog voor kleur en compositie. Het fotograferen zelf zie ik als een volwaardige hobby van mijn autodidacte moeder; alles wat je er daarna mee deed als (ver)prutswerk.

Heel kinderlijk
Ik vroeg je op een gegeven moment ook of je alleen originele foto’s van camera wilde sturen: je digitale lijstjes eromheen namen soms de helft van mijn beeldscherm in beslag en ik merkte dat ik ophield op je foto’s te reageren of ze in dank te aanvaarden, terwijl ik wist hoe belangrijk een berichtje voor je was. Je verwachtte het gewoon. Heel kinderlijk.

Nooit volwassen geworden
Veel natuurfoto’s heten ‘mooi’ of ‘goed’, wat dan vaak betekende dat het close-ups waren, met een enorme digitale lijst eromheen, soms gewoon een screendump uit de Google-resultaten van 100 kb, of iets meer. Je dacht dat Google je foto’s voor je bewaarde, omdat ze als thumbnail in een lijstje stonden. Je sloeg ze opnieuw op in ultra-lage resolutie en liet ze dan weer afdrukken bij de fotowinkel. Zo aandoenlijk, maar daaraan kun je zien dat je nooit volwassen bent geworden. Bij het opschonen heb ik allereerst duizenden laag-resolutie plaatjes weggegooid, zonder ze te bekijken. Onbegonnen werk.

Corry als puber, geschat een jaar of twaalf. Ze is hier nog blond, terwijl ze als 19-jarige al een stuk donkerder is.

Corry als puber, geschat een jaar of twaalf. Ze is hier nog blond, terwijl ze als 19-jarige al een stuk donkerder is (de foto is ingekleurd en de gezichtscontouren zijn verscherpt).

Geen partner
Je had de laatste 35 jaar van je leven geen partner, niemand die je steunde, niemand die je beschermde als het al gekund had. Je was er gewoon te eigenwijs voor. Ik heb in elk geval nooit iemand ontmoet zoals jij onder de ouders van vrienden; een, lichamelijk volwassen kind dat kinderen heeft gekregen. Je bent altijd oorlogskind gebleven en ik zie het nu pas.

Geboortehuis
Er waren veel foto’s bij van het huis waar je geboren werd, kaal en leeg. Het stond waarschijnlijk op de nominatie om te worden verkocht of gerenoveerd. Het huis waar je peuter en kleuter was. Voor mij niets aan te zien, maar voor jou blijkbaar vol herinneringen, net als het buurtje waar je op school zat en later invalkracht was. Het sterkt mijn conclusie dat de Tweede Wereldoorlog de periode is geweest waarin je je het veiligst hebt gevoeld met je kleine zusjes om je heen. In de oorlog had je de bescherming van je ouders het meest nodig en die heb je als peuter gevoeld, juist door de extreme omstandigheden van de oorlog, en je hele verdere leven gekoesterd. Hoe kan dat?

Emotionele waarde
Het grootste deel van je nalatenschap is vooral van emotionele waarde, omdat je foto’s bijzondere en grappige namen gaf, die vaak maar weinig zeiden over wat erop stond. Ik probeerde je soms te helpen door uit te leggen hoe je een foto het beste kon bewerken, maar je luisterde niet. Daardoor kan ik alleen een paar goede vlinderfoto’s gaan versturen als ansichtkaart en blijven er wat familiefoto’s over. Ik ben, behalve in wat vlinderfoto’s, alleen geïnteresseerd in afbeeldingen van je schilderijen en wandkleden voor op je weblog en in foto’s waarop jij mooi staat. Omdat je het liefst achter de camera bleef, zijn ze zeldzaam, maar ze zijn er gelukkig wel.

Opschoonwerk
Je zag het zelf allemaal niet en je hield je hobby jarenlang vol, zonder ooit open te staan voor goede raad of advies. ‘Zalig zijn de onwetenden’, zegt men wel. Alleen in de laatste twee jaar van je leven, maakte je weinig foto’s meer. Het laatste jaar was je ziek en daarvoor zei je dat je ‘alles in de buurt wel gefotografeerd had’. Een globetrotter was je niet, eerder de huismus die je fotografeerde. Misschien was je al langer moe, zonder dat we het wisten. Ik dacht je helemaal niet te zullen schrijven vandaag; in plaats daarvan komt er een lange brief over vijf weken opschoonwerk en wat me is opgevallen. Behalve dat je chaoot was, had je droge humor die me zelden eerder was opgevallen.

Veel liefs,

Tuur

PS: Ondanks dat ik nu minder vaak huil dan in het begin, overvalt me nog steeds de wanhoop als ik me realiseer dat ik je nooit meer zal zien, spreken of aanraken. Dan wil ik er ook niet meer zijn, zonder dat ik er consequenties aan wil verbinden.