Ontzield huisje (korte brief)

Lieve mam,

Waarom heb ik de laatste maanden voor je dood toch zo weinig aandacht aan je besteed, toen het nog kon? Nu schrijf ik aan je, ruim je computer op en ben de hele dag met je bezig. En als je laptopje schoon is en er Windows 10 op staat, ga ik je resterende foto’s doornemen en je weblog bijwerken. Waarom heb ik dat niet eerder gedaan?

In ‘De bolle Gogh’ was je over de helft gekomen. Tot pagina 373. Op pagina 272 heb ik een dikke zweetdruppel achtergelaten, omdat jij er niet meer bent om de ventilator aan te zetten of de achterdeur open te doen. Het laatste boek dat je bij Bol kocht van het tegoed dat ik je voor je zesentachtigste en laatste verjaardag gaf, heb je waarschijnlijk niet meer gelezen.

Muffe bedoening
Ramen zette je zelden open: te veel werk denk ik. Je hield het boven ‘s-zomers alleen maar uit dankzij de ventilator bij je bed. Ik kwam zelden boven, maar het moet er een muffe bedoening geweest zijn, ook dankzij de stapels boeken die overal en nergens opgestapeld lagen, tot in een oud kinderbedje aan toe. Je leefde ingesloten, bijna gebarricadeerd met je rode gordijnen ook nog eens half dicht. In je woonkamer is me dat nooit zo opgevallen, al had je ook daar de gordijnen altijd halfdicht.
Ben nu boeken aan het uitzoeken en inpakken in bananendozen die ik net bij AH heb gehaald. Al de biografieën die je las, zijn niets voor mij, al hoop ik die over Mussert nog terug te vinden.

Knutselwerkje
Je huisje is definitief ontzield met zijn bijna lege muren. Je wegkijkende broer Robert hangt er nog, evenals Cornelia, moeder van je vader. En enkele collages van eerdere schilderijen, zo te zien in ecoline en vetkrijt, een paard, kindertekeningen en een lelijk knutselwerkje van mij dat jij een leven lang hebt bewaard. Ik neem het maar mee en ga het ergens uit zicht bewaren. Heb vier dozen met boeken gevuld. Morgen verder.

Tuur