Rosarium (brief aan mijn moeder)

Lieve mam,

Morgen is de sterfdag van Bert en de verjaardag van de buurman. Ook hij vraagt: ‘Hoe gaat het?’, zonder zich af te vragen dat ik daarop geen zinnig antwoord kan geven. Hoe goed bedoeld ook, ook hij wordt door zijn eigen beslommeringen in beslag genomen.

Carine zei gisteren dat ze zich eenzaam voelt. Kan ik begrijpen, nadat ze je een half leven lang voor zich heeft opgeëist.

Gedenksteen
Een mooie gedachte, maar natuurlijk onzin: zou jij oma willen zijn voor Aoife, waarvoor de gedenksteen ligt aan de Biltse Straatweg? Als ik daar kom, zal ik ook aan jou denken. Verder heb ik nog geen plekje, waar ik jou dichtbij zou kunnen voelen, alleen hier achter de computer als ik aan je schrijf. Je weblog is mijn plek en vooral het stukje film, waarin je vertelt over buurvrouw Joke. Het is fijn om je stem te horen, die minder bijzonder was dan van je zus Loes en een stuk hoger.

Rosarium
Had gisteren weer ontzettend hernia-pijn; vandaag gaat het al wat beter. Wandelen, fietsen en liggen gaat, zitten nauwelijks, want dan kom ik niet meer overeind. Zit dit te schrijven op een bankje achter het rosarium. Zag gisteren nog een stukje familiefilm waarop oma er liep, zoals ze dat vroeger met opa moet hebben gedaan, kort voor jouw geboorte.

Stumperdje
Toen begonnen voor hen de zorgen: drie oorlogsbaby’s, wat ik tot de dag van vandaag niet kan begrijpen, armoede en een ‘stumperdje’, zoals opa je omschreef toen je een jaar of vier was. Oma van de trap gevallen en jij in paniek geraakt. De radeloze paniek is je bijgebleven en zag ik af en toe terugkomen, bijvoorbeeld toen ik me verslikte. Robert belde 112, ik liep blauw aan en mijn vriendin redde me met de greep van Heimlich. Een van de weinige keren dat ik met haar bij je ben geweest. Je mocht haar niet, maar dankzij jou staat ze prachtig op een beker waar ik zuinig op ben. Sinds twee weken een aandenken aan jou en haar.

Tot later mam, ik ga weer lopen, anders zit ik langer dan goed is voor mijn rug.

Tuur

PS: Was met asperger-Pieter eten in het Proeflokaal en heb niet om je gehuild, zelfs niet mijn tranen hoeven wegslikken. Goed hè? Wat nog heel lang op mijn netvlies zal blijven plakken is, ijdel als je was, hoe je voor het laatst je lippen stiftte en je lippen naar binnen zoog om de rode kleur gelijkmatig te verdelen. Dat heb je een miljoen keer gedaan zonder dat je er een spiegel bij nodig had. Het raakt mij zo diep, omdat ik me nu realiseer dat je het deed met het laatste restje energie dat je had. Je was ijdel op de automatische piloot, omdat je het altijd was geweest en je het de volgende dag niet meer kon. Mijn suggestie om je dochters te vragen de volgende dag je ogen te doen, kwam al te laat. Het spijt me zo mam, dat ik pas op de drempel van de hospice begreep hoe slecht het met je ging en dat we zo weinig liefdevolle, maar veel oppervlakkige gesprekken hebben gevoerd. Dat ik je nu pas echt leer kennen en me verdiep in wie je was. Nu het voor alles te laat is.